Onze-Lieve-Vrouw met Kind, Begijnenstraat 65-67

Onbekende beeldhouwer, 18de of 19de eeuw, mogelijk terracotta

2014-06-18 dsc 4187 c96

In de Begijnenstraat zijn enkele madonnabeelden vlakbij elkaar te zien. Het hier behandelde beeld wordt al in de periode 1868-1886 genoteerd. Daarna blijkt er een beeld te zijn bijgeplaatst (periode 1886-1902); omstreeks 1945 kwam er nog een derde bij. Vandaag resten er hiervan nog twee. Het pas in 1902 vermeld beeldje, een kleine Moeder Gods in een spitsboognisje aan de gevel van het nr. 31 (vroeger nr. 27), werd in 1991 verkocht door de nieuwe eigenaar van de woning.

Weinig beelden in de binnenstad geven zo innig de relatie van Moeder en Kind weer dan hier, waar Maria en Jezus elkaar van dichtbij in de ogen kijken. Maria, in een mantel met een zwierige en diepe plooienval, houdt Jezus op haar armen die daar speels zijn beentjes overheen geslagen heeft. <noot 1> Met een zacht gebaar streelt het naakte Kind de wang van zijn moeder. Alleen Maria is nu gekroond; de vorm van het staafje op Jezus' hoofd verraadt wel dat hij vroeger een nimbus droeg (en vermoedelijk geen kroon). De luifel, een traditioneel 19de-eeuws veelhoekig baldakijn, bezit drie verjongende geledingen die uitlopen op een overmaatse sierbol (verdween hierop het kruis?). Hij wordt afgeboord met een met sterren gedecoreerd lambrekijn. Op de houten consolemantel staat vooraan de initiaal van Maria met daaronder een hart. Ooit was het geheel omgeven door een geschilderd gevelveld met een draperiedecor, in 1981 kon dit nog amper waargenomen worden. Het van een dik verfpakket voorziene beeld smeekt om restauratie. Het is niet uitgesloten dat na vrijlegging van de sculptuur onverwachte inzichten naar boven zullen komen. Door de verf heen gekeken kan men de contouren ontwaren van een interessant en vermoedelijk ook knap 18de-eeuws werk. Thyssen schrijft in 1902 en 1922 vrij laatdunkend over "een antiek doch weinig kunstig O. L. Vrouwebeeldje" in deze straat. <noot 2> Welk raadsel zit hier op een oplossing te wachten?

 

 

 

 

  • <noot 1> Van het Jezuskind verdween de linkervoet nog na 1981 (of was dat een herstelling die verdween?). Ondertussen kreeg het beeld nog minstens één verfbeurt, de breuk is vandaag duidelijk overschilderd. Het beentje oogt bovendien hol, is dit een indicatie voor een terracottasculptuur of is het een gat van een oude dook?
  • <noot 2> In 1922 situeert Thyssen dit beeld “op nummer 64” (sic - WS) en in 1902 “op de nummers 63 en 65”.

 

ML Bouwen neg733 20 aug1976 det c96

 

 

 

Hierboven: historische foto: Fotoregister ‘Bouwen...’, 3nb: neg. 733/20, aug. 1976

 

 

 

 

Archief en literatuur:

  • Archief: Hs1491, [f° 16v°]
  • Iconografie: Fotoregister ‘Bouwen...’, 3nb: neg. 733/20, aug. 1976
  • Literatuur: Thyssen 1902, p. 352; Thyssen 1922, p. 292; Bouwen 3nb 1979, p. 23; Schepens 1981, p. 119; Madonna 2002, p. 134; Madonna 2010, p. 37, 39
  • Nieuwsbrief Vrienden van de Antwerpse Madonna's: pdfnr. 16 (2010), p. 8-9; Paula Sörnsen, "[Geplande] restauraties", 'Nieuwsbrief ...', pdf17 (2011, 1), p. 19
  • Referentie: vkb1.0007

 

Begijnenstraat65-671989-04-30 c96

 

Begijnenstraat65-671989-04-30 c961

 

Deze kleurenopname uit 1989 toont de gevelschildering met neogotische drapering, vermoedelijk aangebracht aan het eind van de 19de of het begin van de 20ste eeuw. De kleurstelling is deze van Maria's mantel zoals bekend van schilderijen uit de Barokperiode: rood aan de buitenzijde en blauw voor de voering. - Foto Jerry Driesen, 30-04-1989