Piëta (Nood Gods) - Rijkenhoek 2-4, Scheldeken

Nicolaus Lauweryssens (toegeschreven), 18de eeuw, hout en polychromie — Beschermd monument 21 januari 1987
Bij de inzegening van de Piëta op 18 mei 2014

Een uitzondering onder de Antwerpse religieuze gevelbeelden is ongetwijfeld deze voorstelling van de Piëta. Maria, met hoofddoek, heeft het ontzielde lichaam van haar goddelijke Zoon op haar schoot. Met haar rechterhand ondersteunt ze zijn hoofd.

Archiefmateriaal over dit beeld ontbreekt, wel zijn er twee kleine nota’s waaruit te leren valt dat het om een achttiende- eeuwse sculptuur gaat die in de Franse periode tussen ca. 1797 en 1814 verborgen werd. Na het vertrek van de Fransen werd ze ‘hersteld’, lees ‘herplaatst’. Een negentiende-eeuwse bron vernoemt als auteur een zekere “Nic. Lauweryssens”. Van deze beeldhouwer is geen ander werk bekend; wel is geweten dat Nicolaus Lauwereyssens in de Antwerpse Sint- Lucasgilde werd opgenomen als meester-beeldsnijder in de periode 1732-1733.

Het beeld wordt in de 19de eeuw in het Scheldeken zelf gesitueerd, zodat kan aangenomen worden dat het naar de straathoek verhuisde bij de bouw van het hoekhuis in het laatste kwart van de 19de eeuw. Toen werd voor de sculptuur een kwartholle hoeknis met robuuste arduinen console aan de gevel voorzien. De rechthoekige vorm van de console en van het geschubde baldakijn met lambrekijn en met sierbol en kruis in top, zijn aangepast aan de basis van het beeld. In de jaren 1980-1990 werd het beeld realistisch polychroom overschilderd, met vleeskleur, haarkleur, lippenkleur en oogwit met pupilweergave. De lichtarm met bijhorende (armetierige en scheve) lantaarn werd toen verwijderd.

In de loop van 2013 zijn beeldhouwwerk en metalen baldakijn professioneel gerestaureerd. Na verwijdering van de laatste schildering bleek het olmenhouten (iepen) snijwerk en de oude polychromie meer kwaliteit te bezitten dan totdan kon worden gedacht, dat blijkt uit de woorden van restauratrice Noortje Cools: “Het beeld wordt mooier en gedetailleerder met de tijd dat eraan gewerkt wordt. Onder de vlakke kleuren van de laatste beschildering gaat fijn beeldhouwwerk schuil. Detailleringen als de wonden van Jezus en fijn beschilderde gezichten komen stilaan naar boven. Er blijkt een zekere dramatiek in het beeld te zitten onder de nieuwste verflagen: bij de wonden van Jezus zijn zelfs sporen van bloeddruppels te zien die over z’n lichaam lopen.”

Beeldhouwwerk en baldakijn werden in mei 2014 herplaatst. Het beeld werd ingezegend op 18 mei 2014.

 

• Externe link: Noortje Cools Restauratie

> Keer weer naar Conservatie en restauratie